raak verhaalverhalen gersom

Mag het een onsje later zijn?

Het is druk in de wachtkamer. Vriendelijk groet ik de vier aanwezige dames. Ze knikken beleefd terug en eentje maakt de laatste plek op het houten bankje voor me vrij. Het is het type bankje dat gebruikt wordt om kerkgangers wakker te houden op zondagochtend. Ik zit dus mooi rechtop, beide voeten op de grond en mijn handen op schoot. Mijn fysiotherapeut loopt wat uit de tijd. Rustig kijk ik om mij heen naar de passerende mensen. Allerlei rondzwevende gedachtes krijgen een plek. Eén minuut, vijf minuten, tien minuten… Waar is eigenlijk mijn telefoon? Vroeger zou hij brandend in mijn broekzak hebben gezeten, omdat hij allerlei appjes, nieuwtjes en regenvoorspellingen voor me had opgespaard. Nu ligt hij ergens onder in mijn tas. Of hij ligt nog thuis. Het maakt me ook niet uit eigenlijk. Ik voel een voor de buitenwereld onzichtbare glimlach op mijn gezicht verschijnen. Mijn geduld heeft het gewonnen van mijn telefoon. Tevreden staar ik voor me uit en ik denk even aan Peter.

Tijdens mijn afscheid kreeg ik van de collega’s een map vol met reistips. Een prachtige bundel, die zo als reismagazine kan worden uitgegeven. De bijdrage van Peter maakte de meeste indruk. Deze bevatte geen enkele bezienswaardigheid. Peter’s ogen weigeren al sinds zijn geboorte dienst en hij heeft op een andere manier leren kijken. Zijn reistip voor mij is om ook anders waar te gaan nemen. Luister langer naar de stilte. Voel met je ogen dicht. Zwem met lange halen. Eet met rust in de beweging. Proef met aandacht. Loop in een kalmer ritme dan de massa om je heen. En ruik extra lang als je lekkere geurtjes ontmoet.

De tijd nemen om te genieten van kleine dingen. Op reis ging het ons makkelijk af. In een streek waar het al een jaar niet heeft geregend proefde het water als champagne. Alleen al het langzaam vol druppelen van mijn drinkbus was een plezier. Nooit eerder genoot ik zo van het lezen van een boek. En dat zonder ook maar een pagina om te slaan. De volle maan was een uitstekende leeslamp, maar de voelbare stilte trok al mijn aandacht. Vanuit bed wachtten we de eerste zonnestraal op die geruisloos over de bergen reikte. Precies een minuut later dan gisteren. Bij iedere eucalyptusboom stopten we om te ruiken. Ze waren al een poosje uitgebloeid, maar als je de verdroogde vruchten uit elkaar pulkte, rook je het nog net. En vol waardering keken we hoe ons kaasje werd afgewogen en ingepakt. De bejaarde kaasboer was al heel veel ouder dan zijn kaas en hij had er een paar minuten voor nodig. Maar zijn lieve lach proefde je in elk stukje terug.

Waar geniet je eigenlijk van als de wegen weer vol zijn? Als de maan weer achter de wolken hangt. Als het leeslicht weer door Ikea wordt verzorgd. En als de kaas weer is voorverpakt. Misschien is het de jongen, die geconcentreerd zijn eerste stappen op loopkrukken maakt. Of de stagiaire, die zenuwachtig om het hoekje gluurt of haar patiënt er al is. Of de stralende meneer, die de taal niet zo goed spreekt, maar die ook zonder woorden zijn dankbaarheid voor de behandeling weet te uiten. Misschien is het zelfs wel gewoon het houten bankje. Van kleine dingen genieten. Als het me in deze wachtkamer al lukt, dan lukt het me overal…